Albanië komt langzaam los van eeuwenlange overheersing door buitenlandse mogendheden en binnenlandse onderdrukkers. Generatie na generatie werd het politieke, economische, sociale en religieuze leven van het Albanese volk door de overheersers beheerst en heeft het land ten gronde gericht. Vijf eeuwen lang, tot 1912 was Albanië onderdeel van het Ottomaanse Rijk en er vond nauwelijks ontwikkeling plaats. Velen werden, al dan niet gedwongen zich te bekeren tot moslim. Voordat de onafhankelijkheid vorm aan kon nemen, werd het tussen de beide wereldoorlogen een soort vazalstaat van Italië. In 1939 viel fascistisch Italië binnen, spoedig bijgestaan door nazi Duitsland.

Na de “bevrijding” in 1944 kwamen de communisten aan de macht en raakte het land onder leiding van Enver Hoxha geleidelijk in een isolement. Nagenoeg alle economische en politieke banden met andere landen werden verbroken, zelfs met de communistische landen. Het werd zelfs het eerste atheïstische land ter wereld. Alles wat te maken had met religie was verboden: de meeste moskeeën en kerken werden verwoest of als sportaccommodatie gebruikt, vele geestelijken werden gevangen gezet of omgebracht. Alles werd van bovenaf door de regering bewaakt. Angst beheerste relaties die niet diep vertrouwelijk waren. Het aantal informanten voor de geheime dienst was waarschijnlijk een derde van de totale bevolking.

Maar de tirannie van Enver Hoxha bleek niet onsterfelijk. Na zijn dood stortte ook dit communistisch bolwerk in. Sinds begin 1991 is een nieuwe fase voor het Albanese volk aangebroken. Albanië is een lang geïsoleerd geweest Balkanland tussen Montenegro, Kosovo, Macedonië en Griekenland. De eigen namen voor het land – Shqipëria en Shqipnija – vormen al een indicatie voor de moeilijke talen die er ‘eigen’ zijn. Volgens de meeste wetenschappers stamt het Albanees uit het Illyrisch. Daarmee is het de oudste Indogermaanse taal. Hoewel de taal in de loop der eeuwen door diverse bezetters onderdrukt werd, wordt het nog steeds gesproken. De geschreven taal heeft zich langzaam ontwikkeld. In 1908 werd definitief gekozen voor het Latijnse alfabet en in 1920 werden de orthografische regels vastgelegd. Het Albanees wordt behalve in Albanië en Kosovo ook gesproken in Zuid-Italië, en ook in delen van Macedonië, Montenegro en Noord-Griekenland (Epirus). De munteenheid verklaart het eeuwige gat in uw portemonnee: de lek… Maar uw geld lekt relatief langzaam weg, want duur is Albanië niet.